Teamchange header

spelend leren

15 Tips voor begeleiders van spelsimulaties

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Wie spelsimulaties begeleidt doet er goed aan zich grondig voor te bereiden. Het begeleiden van een spel vraagt meer vaardigheid dan even de regels uitleggen. Omdat je deelnemers vraagt zich tijdelijk in een andere werkelijkheid te begeven, moet je dit als spelleider zorgvuldig inleiden, begeleiden en weer uitleiden.

Spelend leren Checklist © Teamchange (9)

In dit artikel

Voorbereiding

  • Leer de spelmaterialen en het spelverloop goed kennen. Zorg dat je goed weet waar de ‘knoppen’ van het spel zitten en hoe je ermee kan spelen om druk op te voeren of juist druk te verminderen.
  • Zorg ervoor dat de tafel van de spelleiding “op orde” is (bewaar formulieren e.d. in de goede volgorde en op de juiste plaats). In de vaart van het spel is dit soms moeilijk, maar essentieel. Inderdaad maken spelleiders ook fouten. Indien alles op orde is kun je deze fouten reconstrueren en herstellen.
  • Tijdens het inlezen moet je op een gegeven moment ophouden met antwoord op alle vragen te geven wanneer je zeker weet dat alle informatie reeds in het team zit: spoor ze aan om elkaar te bevragen in plaats van steeds op de spelleider terug te vallen.
  • De spelleider vormt samen met de eventuele co-trainer en de spelers het deelnemersveld. Een gouden regel is dat andere rollen in principe niet zijn toegestaan: dus geen observatoren.

Tijdens de uitvoering

  • Maak vaak aantekeningen over de voortgang (en bijzonderheden) van de spelsimula­tie. Luister goed naar wat men – soms langs de neus weg – zegt: het laat veel zien van authentiek gedrag van deelnemers (‘Wat zijn die klanten aan het zeuren zeg!’).
  • Zeker in de eerste ronde kan het voorkomen dat de deelnemers het spel niet “aankunnen”. Aan de hand van jouw taxatie van deze situatie kun je een “time-out” van 10-15 minuten geven, zodat de spelers vragen kunnen stellen of met elkaar kunnen overleggen. Help spelers zo snel mogelijk vertrouwen te krijgen dat ze het spel onder controle krijgen. Mensen kunnen enorm gefrustreerd en onzeker worden als ze denken in een spel te falen.
  • Laatste ronde is ook de finale. Je werkt daarin toe naar een situatie waarin de deelnemers het gevoel hebben dat zij “goed” hebben gepres­teerd en dat zij de belangrijkste aspecten van het spel doorzien. Eindig met een succesgevoel. Voorkom zoveel mogelijk ‘end of game’ gedrag door de spelers in het ongewisse te laten over het aantal rondes dat je speelt (als een speler dus vraagt hoeveel rondes er zijn, kun je zeggen: tot het goed gaat).
  • Krijgt een groep de opdrachten bij lange na niet af, geef dan wat extra tijd om toch resultaat te halen.
  • Het is belangrijk dat je de deelnemers regelmatig complimenteert. Dat houdt hen enthousiast en stimuleert het leer­proces.
  • Je kunt aan een of twee deelnemers een extra opdracht geven waarvan de spelleider vindt dat ze daarvoor tijd heeft of kan maken. Je geeft in dat geval een extra observatie-opdracht waarvan je denkt dat die nuttig in het spel en de nabespreking is.
  • Hou de deelnemers tijdens reflecties tussendoor ‘in’ het spel. Als deelnemers eenmaal uit het spel zijn, is het moeilijk om ze er weer in te krijgen. Voorkom dus ook gesprekken over het eigen team of de ‘realiteit’. Vraag spelers om die even helemaal los te laten.

Jouw houding als spelleider

  • Stel je niet defensief op over het spel. Laat je niet verleiden om in te gaan op kritiek op hoe het spel in elkaar zit. Focus altijd op het feit dat het een middel om te leren is.
  • In de ogen van de spelers moet de spelleider beslist onpartijdig en objectief zijn. Je bent daarom vaak het meest effectief vanuit een ietwat afstandelijke, beschouwende positie, met name tijdens het spel zelf. Je interventies zijn vooral het stellen van open vragen en het geven van feedback. Dit wil niet zeggen dat de spelleider niet kan motiveren of kil zou moeten zijn, maar in ieder geval is de spelleider altijd aan het observeren en niet aan het deelnemen.
  • Toneelspel is absoluut ongewenst. Laat iedereen zichzelf zijn. Eigen (voor-)namen gebruiken! Anderzijds moet je in de spelwerkelijkheid blijven: als iemand over de eigen organisatie begint te praten in het spel, dan kun je dit subtiel ‘negeren’ door ‘gewoon’ over het spel verder te gaan.
  • Neem spelers altijd serieus: ga zeker niet openlijk plezier hebben om de fouten van spelers, ook al is daar aanleiding toe. Spelers mogen nóóit het gevoel hebben dat ze uitgelachen worden of dat er addertjes onder het gras zitten.

Aanverwante artikelen

Dertig afweermechanismen in teams

Tips voor online vergaderen en trainen. Hoe hoort het?

20 Modellen om naar teamrollen te kijken

50 Modellen voor teamcoaches en teamleiders

44 Tips bij het werken met een virtueel team

Geef een reactie

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Voer je gebruikersnaam of e-mailadres in.
Je zult een link via e-mail ontvangen om een nieuw wachtwoord aan te maken.

Welk account wil je maken?

Minimaal 8 tekens, 1 hoofdletter, 1 cijfer en 1 leesteken. Gebruik geen wachtwoord dat je elders ook gebruikt.

Kom kennismaken met ons. Online!

Kennismaken met Teamchange kan meermaals per jaar. Het is online en gratis. In twee uur bespreken we al jouw vragen. Doorgaans betekent dat: het eerste uur praktijkvragen, en na een korte pauze gaan we in op opleidingsvragen. 

De volgende sessie is op 22 juni

We starten om 10.00 en gaan door tot 12.00. In deze sessie zullen we ons presenteren en je vragen beantwoorden. Maar daar blijft het niet bij. We kunnen oefeningen doen, kennis delen en cases bespreken. Geef jij maar aan waar je interesse ligt.

Meld je meteen aan! Daarna ontvang je van ons een uitnodiging met Zoom-link (na aanmelden kom je op een pagina waar je onze Zoom-handleiding kunt downloaden). Tot ziens. Oja: de sessie is gratis. 

logokleinpath